impressie-shared-space-2

07 OKT 2019

#74 Zaanse shared space (verslag)

Cultuur en stad

Een platformavond is ook een shared space en klooiruimte ineen De openbare ruimte is bedoeld als een plek om elkaar te ontmoeten. De avond van platform Aan de Zaan van 7 oktober stond zeker in het teken van dat laatste; ontmoeting. Het was een klein gezelschap dat aanwezig was maar daardoor ontstond er ook een fijne, vertrouwelijke sfeer.

Klooiruimte De avond begon, zoals we gewend zijn bij de programmalijn cultuur en stad met een uitgesproken column van Jacob Spaander. Over de frisse wind die hij voelde in de openbare ruimte. Daarna introduceerde onze moderator Martin de Ruiter de volgende spreker: Ronald Tebra, onder andere bekend als organisator van het Zaans filmfestival.

Hij sprak over het belang van ‘klooiruimte’. Klooien is op een ondoelmatige manier bezig zijn. En ‘glop’ is een mooi Zaans woord voor ruimte. Vaak als aanduiding voor een plek waar een huis gesloopt is (tussen andere huizen) waardoor er een gat is ontstaan.

Op een boerderij heb je bijvoorbeeld veel klooiruimte. Je kunt daar altijd spelen. Je kunt iets bouwen wat geen enkel doel dient maar wel kan bewegen. Het levert de gezondste kinderen op. Een plek waar van alles kan maar niets perse moet. Natuurlijk wel veilig en altijd voor een bepaalde tijd.

Als je goed kijkt Als voorbeeld hoe wij ‘klooien’ in de Zaanse openbare ruimte vertoonde Jacob enkele foto’s die genomen zijn in de ruimte. Met als rode draad dat er altijd meer gebeurt dan je denkt, en dat je het soms pas ziet als je ook de tijd neemt de openbare ruimte in je op te nemen.

En omdat wij het altijd fijn vinden om de mensen ook te laten ‘klooien’ werden de aanwezigen gevraagd te praten over welke plekken of zaken zij zouden willen aanpakken. En men ging enthousiast aan de slag. Over wat daar uit kwam straks, want eerst ging Martin het gesprek aan met onze twee andere gasten.

Gemeente vs klooiruimte Dat waren Willem Totté, netwerker openbare ruimte bij de gemeente, en Hans Kortstee, afdelingshoofd openbare ruimte. Aan hen de vraag hoe de gemeente kijkt naar die ‘klooiruimte’.

Kip en ei Als gemeente wil je graag veel gedogen omdat je bewonersinitiatieven wilt steunen, maar als er iets mis gaat, ben je wel als gemeente aansprakelijk. Als de gemeente iets doet in de openbare ruimte dan moet dat niet voor niets aan alle veiligheidsnormen voldoen. Als bewoners iets doen kun je daar wel ruimte in creëren, maar als puntje bij paaltje komt en iemand raakt daardoor gewond, dan krijgt de gemeente vaak achteraf te horen; jullie hadden ook moeten handhaven.

De centrale vraag is dan ook wie er verantwoordelijk is om iets (in de openbare ruimte) aan te pakken. Een soort kip en ei verhaal. Één ding is wel helder; zonder betrokkenheid van bewoners gaat het niet lukken.

Een groeiende druppel Een goed voorbeeld zijn de ruim 350 groenadopties die al her en der plaatsvinden in Zaanstad. Hoewel het wat betreft klimaatadaptie nog een (groeiende) druppel op een gloeiende plaat is, zijn het er aan de andere kant best al veel. Vergroening van de openbare ruimte neemt een grote plaats in als het gaat om bewonersinitiatieven. Veel van de ideeën die op deze avond werden geopperd gingen daarover.

Kwaliteitsimpulsen Nu is Zaanstad geen rijke gemeente. Wil je een grote kwaliteitsimpuls aan de openbare ruimte geven moet je wel samenwerken met projectontwikkelaars. Deze kun je vragen die kwaliteit toe te voegen terwijl zij daar ook aan kunnen verdienen. Met bewoners moet je dan wel eigenlijk eerst de visie op dat gebied duidelijk hebben. Want zij gaan er gebruik van maken. Als zij er niets mee kunnen houdt het op.

Een mooi voorbeeld kwam  van iemand uit de zaal die zich afvraagt hoe wij er voor konden zorgen dat de bankjes langs de Voorzaan meer gebruikt werden door mensen. Haar conclusie was; ik moet er gewoon zelf gaan zitten.

Mobiliteit of kwaliteit Naast dat de meeste bezoekers in de openbare ruimte graag meer groen zien, wil men eigenlijk ook minder auto’s. Want ook dat laatste blijkt van grote invloed op de kwaliteit van de ruimte. Zoals Willem het uitlegt; het zijn eigenlijk twee knoppen waar je aan kunt draaien, verhoog je de kwaliteit gaat de mobiliteit vaak omlaag en andersom.

Ideeën daarover waren om meer centrale parkeerplaatsen aan te leggen waar fietsen staan waar mensen het laatste stukje naar huis kunnen overbruggen. Alles binnen één mijl, want dat is de afstand die de meeste mensen nog wel willen fietsen.

Wie draait aan welke knoppen? In de openbare ruimte bevinden zich dus heel wat knoppen waar je aan kunt draaien.

Één daarvan, en misschien de belangrijkste, is het eigenaarschap dat de bewoners en gebruikers kunnen voelen voor die ruimte. En misschien moeten we ook wat vaker lekker creatief wat met die knoppen klooien om te zien wat er dan gebeurd. Daar kunnen wij weer heel wat van leren, maar ook veel van genieten.

 

impressie-shared-space-1
orac-01